Voorbeelden van het gebruik van Zindelijk in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Je moet alleen zindelijk worden gemaakt.
Veel grote artiesten zijn pas laat zindelijk.
Jij ben zindelijk geboren.
Maak Rogers schoenen schoon en maak je hond zindelijk.
Wanneer ben je zindelijk geworden? Privé.
Slim. Vraag maar hoe jong ik zindelijk werd.
Maak je nieuwe huisdier zindelijk, Nolan.
M'n kinderen zijn allang zindelijk.
Is de walvis al zindelijk?
Hij is nog niet zindelijk.
Herinner je je ons hondje nog, dat we niet zindelijk kregen?
Is hij zindelijk?
We hadden hem nooit zindelijk moeten maken.
Bijvoorbeeld pups die nog niet zindelijk zijn, reuen die hun territorium willen afbakenen
Mijn 3-jarige was zindelijk, en nu is hij dat niet meer want zijn vader woont niet langer bij ons
Jullie praten als een stelletje zindelijke… huisdieren.
Ik ben zindelijk.
Hij is zindelijk.
Is ie zindelijk?
Zindelijk en alles.