Voorbeelden van het gebruik van Amai in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Amai. Kijk. Dat ziet er een plezant spelletje uit.
Amai. Haal jij hier je inspiratie voor carnaval?
Smerig honing amai liu neemt e….
En amai, hoeveel combinaties heeft dit patroon wel niet!
Hij heeft wel klasse. Amai.
Hij heeft wel klasse. Amai.
Amai, er is zo veel'space vanbinnen, Frank.
Amai, dat werd tijd.
Amai heeft een werkelijk shitty stap vader.
Je eet precies ook graag krieken, amai.
Amai, juni… een hele maand lang.
Amai het is hier koud.
Amai, bedankt zeg Carl.
Amai, wat scheel er jou?
Amai, waar was jij toen ik nog hetero was?
Amai, Peter, jij bent onhandig.
Amai, je bent gegroeid.
En amai, ze zijn sterk.
Amai je bent veranderd.
Amai, wat ben je gegroeid.