Voorbeelden van het gebruik van Babysitter in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Ben jij op zoek naar een babysitter in Willebroek?
Earl, mijn babysitter was blank.
Dit is waardevolle ervaring voor de babysitter.
Door de moorden? Op de babysitter en Mike Atkins?
Ben jij op zoek naar een babysitter in Tervuren?
Wacht, wist je niet dat je babysitter een marinier was?
U bent een soort babysitter.
Door de moorden? Op de babysitter en Mike Atkins?
Ben jij op zoek naar een babysitter in Genk?
Ik ben geen babysitter.
Thuis met de babysitter.
Uw dochter was vroeger mijn babysitter.
Ben jij op zoek naar een babysitter in Genk?
Ik ben geen babysitter.
Ik ben de babysitter.
Mijn dochter was bij haar babysitter.
Ben jij op zoek naar een babysitter in Sint-Niklaas?
Dat is nu jouw werk, babysitter.
Dat was natuurlijk wel met mijn babysitter.
Dat is onze babysitter.