Voorbeelden van het gebruik van Caïn in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Moretti en Caïn.
Vijftig dollar zegt hem niet veel, Caïn.
Ik dacht dat u wel wat beter dan dat was, Caïn.
Ik roep je naar buiten, Caïn.
Maak niet dezelfde fout als Jacques en Caïn.
Omdat ik Caïn ben.
Welkom in het paradijs, Caïn.
Nogmaals bedankt. Je bent altijd welkom, Caïn.
En probeer me niet tegen te houden, Caïn.
En Caïn?
Caïn en ik wilden elkaar spreken.
En wat als Caïn het was?
Caïn, het is een bevel.
Als ze dat meent, had ze het Caïn wel gezegd.
Dus duwden ze je de deur uit om Caïn tegen te houden voordat ze erachter konden komen.
Caïn is erbij.
Waar is Caïn?
Vooruit, Caïn!
U fabriceert schuldigen, Caïn.
Caïn staat op instorten.