Voorbeelden van het gebruik van Finn in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Arthur en Finn noemen.
Vrede. Vrede. Hou je kop dicht, Finn.
Arthur en Finn.
Maar eerst… moet je doen wat goed is voor Finn.
Ik zit in de auto met Finn.
Ja, ik ben pastoor Brian Finn.
Adam? Dit is Finn niet?
Het spijt me. Bedankt, Finn.
Pride, we vonden David Finn.
En jullie volgen dagelijks relatietherapie bij Dr. Finn.
Ga met me mee. Finn?
Finn heeft gelijk.
Wat doet Finn nou?
Ik moet alleen Finn en Brody vergeten, snap je?
Mam, Finn zal iedereen op het feest gek maken.
Finn kent het wapen dat Hosnian vernietigde.
Leeft Finn nog?
Finn, door dat lek is er veel zuurstof ontsnapt.
Dit is Finn z'n droom.
En Finn?