Voorbeelden van het gebruik van Furieus in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Wie is er nu furieus, denk je?
Furieus als donder.
De DIS zal furieus worden als ze dit horen.
Ze zijn furieus, juist?
Toch begint de nieuwe mini-cd'Rhythm Amongst The Chaos' furieus.
Ajax begon tegen ADO Den Haag furieus.
Hij werd furieus.
Ik was niet furieus.
Bolivianen… werkten hard en vochten furieus.
Ik weet het. Ik blijf voor een hele tijd furieus.
China reageerde furieus.
Israël reageerde furieus.
Een aantal raadsleden reageerde furieus.
gaan van ontspannen rustig naar furieus luid.
Overmand door verontwaardiging zei hij furieus met bloeddoorlopen ogen.
Ik ben furieus.
was hij furieus.
Carlos zal furieus zijn.
Auto's die snel gaan, echt furieus.
Wij hoorden dat u furieus traint.
