Voorbeelden van het gebruik van Goeddoen in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Luister, goeddoen aan addergebroed is water naar de zee dragen.
Het zal hem goeddoen als we'verrassing' roepen.
Ik kan nog goeddoen op een ander vlak.
Hij wil goeddoen en jij wilt geld.
Het zal me goeddoen om te horen datje je waarde laat gelden.
Myrthe zal u goeddoen.
Wij zullen meer geven aan hen die goeddoen.".
De balans tussen plezier hebben en goeddoen.
moet niet moedeloos worden in goeddoen.
Zoals douchegel met zeep, beschadigen de huid meer dan dat ze goeddoen.
Hier, dit zal je goeddoen.
Een paar crackers met kaas zouden je goeddoen.
Dit zal je goeddoen.
Dat zal u goeddoen.
Dat zou hem goeddoen.
Dat zal je goeddoen.
Een beetje angst zal u goeddoen, denk ik.
Het zou je goeddoen.
Hier, dit zal u goeddoen.
Een borrel, dat zal u goeddoen.