Voorbeelden van het gebruik van Laatst in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Of op zijn laatst de week erna.
Laatst was jij ook nogal agressief.
Alleen bedanken voor laatst.
Ik heb laatst gedacht aan avocado's.
Maar hij verscheen laatst op m'n radar.
Laatst maar niet minst, nonkel Mitch.
Misschien morgen. Overmorgen op zijn laatst.
Laatst veel gewerkt?
Een beer daarboven Ik zag laatst.
Laatst zaten we te eten met een stel Japanners.
Ik las laatst een artikel van u.
Hij is voor het laatst gezien met Mr Mason Carver.
Misschien morgen. Overmorgen op zijn laatst.
We zijn er weer het laatst.-Hou je mond!
Een beer Ik zag laatst.
Laatst fietste ik langs het Julianaziekenhuis.
Ik droomde laatst dat ik een reus was.
Het was m'n laatst overgebleven kind.
Eind maart op z'n laatst.
Ik zag haar laatst op het station.