Voorbeelden van het gebruik van Lijkbleek in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Ik ben lijkbleek.
Hij had een infuus en was lijkbleek.
Als ik bij de deur kom… ziet Wally lijkbleek.
Ze was lijkbleek.
Je bent lijkbleek.
Zijn gezicht was niet ingevallen en lijkbleek, maar knap en vrolijk.
Ziet Wally lijkbleek. Als ik bij de deur kom!
De knecht kwam na een tijdje lijkbleek en bevend terug en zei.
toen gevonden, lijkbleek.
Of ben je altijd lijkbleek?
Er was een handelaar in Bagdad, die zijn bediende… naar de markt stuurde om voorraad te kopen. Na een tijdje kwam de bediende terug, lijkbleek en trillend.
Dit is mijn leven nou en jij wordt er net lijkbleek van.- Wat?
werd haar gezicht lijkbleek.
Z'n gezicht was lijkbleek, alsof hij een spook had gezien.
Z'n gezicht was lijkbleek, alsof hij een spook had gezien?
bleef roerloos en lijkbleek op de grond liggen.
Hoge hartslag, en hij dacht dat hij dood ging. Lijkbleek, hij zweette.
Molrat zag lijkbleek. 'We verlaten de Westelijke Jordaanoever,' lalde hij.
hij zag lijkbleek… en toen hebben we… afgesproken, dat ik de schuld op me zou nemen.
de gids en chauffeur lijkbleek bij ons terug komen, blijkt het een serieuze zaak te zijn.