Voorbeelden van het gebruik van Operateur in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Vast de operateur.
De operateur gebruikt zijn handen en onderarmen.
Als operateur leer je je vakbekwaamheid op het gebied van filmtechniek te verhogen.
Je operateur inbegrepen.
Ik ben operateur. Een conciërge?
Ik ben operateur. Een conciërge?
Jouw operateur werkte in het transportvliegtuig.
Trouwens… de operateur is geen probleem meer.
voor de patiënt en voor de operateur.
Hebben jullie Chet gezien, die operateur?
Dan bel je de operateur.
Heb je dit verdiend als operateur?
Dus jij werkte als operateur in de haven.
Russen. Schiet op. Operateur?
Ik vermoed de operateur.
Dus jij werkte als operateur in de haven.
is een elite operateur, natuurlijk?
Laat de planner en de operateur nauw samenwerken.
Ik ruimde de tray op, toen hij praatte met Mr Kegworth, de operateur.
Als operateur ben je medeverantwoordelijk voor het goede verloop van de audiovisuele programmering in Theater Kikker.