Voorbeelden van het gebruik van Pelzen in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Drie munten. Zes pelzen.
Goed. Wij brengen de pelzen naar Petrie's Rock.
Neem de pelzen.
Goed. Wij brengen de pelzen naar Petrie's Rock.
Ik koop je pelzen.
slagtanden, pelzen.
Ik wilde haar pelzen verkopen.
We kunnen boten overvallen dan hebben we straks duizend pelzen.
Mike en de pelzen.
We moeten de pelzen verplaatsen.
Ik ruil de pelzen voor goederen.
Hij kan z'n pelzen terugkrijgen.
Dat zijn mijn pelzen.
De handel in zeeotter pelzen tegen thee tussen Nootka en China.
En bijna honderd wolf pelzen, ter waarde van vijf dollar per stuk.
Pak die pelzen en alle andere die je vindt.
Heeft u pelzen bij u?
Ze wilden onze pelzen. Blanke jagers.
Pelzen en huiden.
We hebben de buitenposten overvallen en pelzen meegenomen.