Voorbeelden van het gebruik van Schoon in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Op deze manier maakt je lichaam de baarmoeder schoon.
Nee, ik ben schoon.
Hij is schoon.
Maak de rest morgen schoon.
Hij houdt z'n eigen kamer schoon.
De vloer is schoon.
Ik wil dat mijn auto schoon wordt.
De plinten moeten nog schoon.
Maak z'n wonden schoon.
Bonjour, Joe. Schoon.
De douches moeten ook schoon.
Hoi. CDC maakte me schoon.
Black Dynamite veegt straten schoon.
Ik ben Connie. Ik hou m'n broekje schoon.
En daar stond hij, de vloer schoon te maken!
De kogelwonden zijn niet schoon.
gemeenschappelijke ruimtes zijn allemaal schoon.
De douche. Schoon water.
Jezelf het toneel schoon maken.
Ik hoop dat je de badkuip vooraf schoon hebt gemaakt.