Voorbeelden van het gebruik van Slipje in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Het slipje is gescheurd.
En dit slipje is geweldig om mee te huppen.
Hij had haar slipje op zijn hoofd.
Toen je slipje uit was hoe lag je toen op de achterbank?
Bontjas en geen slipje.
Weet iemand dat ik een tule slipje voor onderaan moet bestellen voor volheid?
Als je onder haar slipje wilt kijken beantwoord dan de vragen.
Tijdloos, klassiek, wit slipje met roze afwerkbiesjes en strikje.
Een glimlach is net een strak slipje.
Waarom rent dat roze slipje zo snel?
Je kunt beter je slipje uittrekken.
Door in haar slipje te geraken?
Veel talent, geen slipje.
Draag een rok, maar geen slipje.
Ze liet de vrouw achter op haar hakken en haar slipje.
Zowel voor vrouwen(slipje) als voor mannen(boxershort).
En haar slipje. Er zit afscheiding in.
Dus heb jij een slipje dat ik kan dragen?
Heb ik soms zo'n slipje?
Het elastiek van m'n slipje is geknapt.