Voorbeelden van het gebruik van Stuk onbenul in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Je kon mijn pik niet in een hoge hoed dirigeren, jij stuk onbenul.
Volgens haar papieren was haar vader 'n stuk onbenul, maar ze heeft het kampioensgen, Charlie.
gek stuk onbenul zou zijn; wat zou het dan voor nut hebben door u te worden bestraft;
Je bent een liegend stuk onbenul.
Je bent een liegend stuk onbenul.
Dat was oorlogsverf, stuk onbenul.
Je bent een stuk onbenul.
Wat is dat stuk onbenul?
Sorry, ik ben een stuk onbenul.
Kom op, bel iemand, stuk onbenul.
Stuk onbenul. Ik ben er doodziek van.
Draai je om en kijk naar dit stuk onbenul.
Ja, mijn vader was ook een stuk onbenul.
Junior, je bent een dapper klein stuk onbenul.
Zeurderig, nietszeggend stuk onbenul, dat is ze.
Oké. Kom op, bel iemand, stuk onbenul.
Zoon, jij zult altijd m'n stuk onbenul zijn.
Met jou reken ik straks wel af, stuk onbenul.
Dawn. Eeuwig spel je niet als 'e-e-w-i-g', stuk onbenul.
Dawn. Eeuwig spel je niet als 'e-e-w-i-g', stuk onbenul.