Voorbeelden van het gebruik van Twintig seconden in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
De klokken luidden twintig seconden te lang. Hallo daar.
Twintig seconden, onafgebroken.
Ik was hooguit twintig seconden weg.- Nee.
Ik was hooguit twintig seconden weg.- Nee.
Twintig seconden.
Twintig seconden.
Twintig seconden tot ontploffing.
We hebben twintig seconden.
Jullie hebben twintig seconden om 'n antwoord te kiezen.
Nog twintig seconden.
Twintig seconden.
Je bent dan gewichtloos en zweeft in dit geval twintig seconden.
Zes minuten, twintig seconden.
Breng haar hier. Twintig seconden.
Hallo daar. De klokken luidden twintig seconden te lang.
Goedendag. De klok heeft twintig seconden te lang geluid.
Dat waren maar ongeveer twintig seconden.
Ongeveer… veertien uur, negen minuten en twintig seconden.
Je zei tien seconden, twintig seconden geleden.
Hoeveel tijd? Twintig seconden.