Voorbeelden van het gebruik van Wonderkind in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Een wonderkind dat de held uithangt.
Mijn kleine wonderkind.
U zou briljant zijn, een wonderkind.
Nou, er is dat wonderkind.
Ze noemden me- hun wonderkind.
Ik wilde een wonderkind zijn.
Het wonderkind is een regelrechte I.M. Pei.
Ze was een wonderkind op school, computers, alles.
Vernon was verkeerd gediagnosticeerd als wonderkind.
Wacht, ik help je wel met het wonderkind.
Voor oma was ik het wonderkind dat alles kon.
Hij is een wonderkind.
Baby G is ons wonderkind.
Vergeet niet dat ik een wonderkind ben.
Hoe heet je, Russisch wonderkind? Maximale warpsnelheid.
Zonder dat mijn wonderkind er maar iets van zag.
Deze eerste munt heeft als thema"Mozart het Wonderkind".
Vanaf die dag word ik" wonderkind"genoemd.
Kom hier, wonderkind.
Hij was een wonderkind.