Voorbeelden van het gebruik van Een trut in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
De rechter was een trut.
Sarah, je bent een trut.
En ze is een trut.
Ze is een trut.
Mam is een trut.
Ze zeiden dat ik een rijke trut was.
Zij is een trut.
Ben ik nu een manipulerende trut?
Je bent echt een trut.
Ze was een liegende trut.
Oké, als jij zegt dat Lindsey een trut is.
Sinds Peyton terug is in Tree Hill gedraag ik me als een trut.
Ik heb geen vriendje omdat ik een trut ben.
Ik ben een trut.
Virginia Woolf was een trut.
En Karma is een trut.
Ze is een trut.
Jij bent een trut.
Jezus, je bent een trut.
Wat een trut.