Voorbeelden van het gebruik van Kif in het Nederlands en hun vertalingen in het Frans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Dit is m'n vriendje, Kif.
Niet waar, Kif?
Wat is dat, Kif?
Daar noemden ze het kif.
Nee, niemand doodt Kif.
We hebben het gehaald, Kif.
Kif, terug brand
Kif, haal ons hier weg.
Kif, verhogen de ceremoniële spiegel.
Kif? Maak mijn agenda leeg.
Kif beloofde de ritselaars te pakken.
Kif, laat m'n medaille eens zien.
Kif, til hem op tot tepelhoogte.
Kif, wat is de vernederendste job hier?
We gaan tijd doorbrengen met die Mr. Kif.
Ze heeft 't tegen jou, Kif.
Kif, kom en hou die vlag omhoog!
Kif, je hebt nog geen woord gezegd de hele nacht.
Bespaar me je saaie verhaal, Kif.
Kif heeft me gevraagd om zijn" Fonfon ru" te zijn!