Voorbeelden van het gebruik van Griek in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Luister, ik ken een Griek, ene Chilo.
Ik ben ook echte Griek.
Nick de Griek.
Hè, Shorty de Griek.
Geef me de Griek.
Vertrouw nooit een Griek!
Vannacht heeft ze zich uitgekleed en de Griek geroepen?
We weten nog niet eens hoe de Griek heet.
Hij wil de Griek spreken.
Hij wil de Griek zien.
We gaan naar Bryan Metro kijken bij de Griek, morgenavond.
Wacht met gaan Griek?"?
Kokkino Chorio was de locatie voor de film Zorba de Griek.
Vanavond zal ze leren dansen als Zorba de Griek.
Een Griek.
Je laat nooit een Griek wachten.
Daar tegenover restaurant De Griek.
De Griek ontdekte Napels
Achilles, voorop van voorop tussen Griek voinov, ruzie krijgt met Agamemnonom
Van de vorm van de delta van Nile manende Griek ruimere brief(delta), en de titel reed van zodanig onderrichting.

