Voorbeelden van het gebruik van Karretje in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Goed nieuws, goed nieuws: karretje komt zo.
Wat vertelt dit karretje ons?
Hoe verlies je een schoonmaak karretje?
Eieren in een het winkelen karretje.
Ik zie wel vaak honden met zo'n karretje.
Ze kromt haar rug en hij vlijt haar op het karretje.
Zal Etan denken dat iemand de geschenken op het karretje probeert te stelen.
Hoe vind je m'n nieuwe karretje?
Structuur: met gemotoriseerd karretje.
Mensen, sissend espresso karretje, eenmansband.
Dit is geen golf karretje, rijden.
Ik gebruik oprijplaten en karretje.
Meneer Dumont, u moet direct uw karretje wegrijden.
Gebruik het toestel alleen met een karretje, standaard, statief,
Een politieman zag ze in het karretje van 'n dakloze. Hij zag de overeenkomst met de opsporing.
Op het meegeleverde karretje, in de tas met schouderband,
Er was nog een meisje in het karretje. Ze was niet dronken ofzo,
Deze witte karretje is duurzaam,
De"Scout" is een volledig elektrisch karretje op zes wielen, dat tot net boven kniehoogte komt.
de heks met het thee karretje en de machinist.