Voorbeelden van het gebruik van Kast in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
De slaapkamer kast is leeg.
Je liet de kast open, en nu zijn er een paar handschoenen weg.
Mijn kast nodig ook aandacht.
Iemand hing dit aan m'n kast.
Masterbedroom met grote kast en plafondventilator voor voldoende koeling.
Op de kast.
In mijn portemonnee. In mijn kast. Binnen.
Er zit iets in je kast dat eruit wil.
Of heeft ze een kast v ol, net als Superman?
Misschien staat er nog wat Um Bongo in de kast.
Met de videocamera die in m'n kast lag.
Ik verstopte me in de kast.
In de kast.
Dat is de kast van Curtis.
nuttige aanvulling op de kast.
Ik kijk nu in de kast en ik zie.
Liggen m'n dassen in de kast?
In de kast.
Jouw deel ligt op de kast.
Het laatste cijfer is ook het nummer van de kast.