Voorbeelden van het gebruik van Lafbek in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Computer
-
Programming
Mijn man is een lafbek.
Wat ben jij een lafbek, Andreas.
De vechters houden niet van goocheme opmerkingen, lafbek.
Het is voorbij, lafbek.
Tyler vluchtte als een lafbek voordat ik hem af kon maken?
Je bent een lafbek en een zak en van mij mag je doodvallen!
Engelse lafbek.
Tot je jezelf in de strijd hebt bewezen, lafbek tot je schiet als er op je wordt geschoten,
mislukkeling, lafbek, egoïst.
een leegloper, een lafbek, een lasteraar, een ontuchtige smeerlap;
was ik een lafbek en spijt het me.
In die zin ben ik een lafbek. Maar daarom ben ik nog geen moordenaar.
de journalist, als een lafbek om dat Syrië in 2011 verliet, toen dat alles begon
Voor lafbekken is hier geen plaats.
De Shaolin monniken zijn lafbekken.
Ik heb een genezing voor lafbekken.
maar zijn jullie lafbekken?
Kom op, lafbek.
Wijdbroek, Luitenant Lafbek.
Nog steeds een lafbek.