WATJE - vertaling in Spaans

cobarde
lafaard
laf
watje
mietje
lafbek
funky
bang
schijterig
een lafaard
slapjanus
marica
mietje
homo
nicht
watje
sissy
nichterig
fag
flikkertje
kontneuker
miet
maricón
mietje
homo
nicht
watje
nichterige
jeannet
schijterd
gallina
kip
gans
duivin
lafaard
watje
laf
angsthaas
lafbek
kuiken
henny
debilucho
zwakkeling
mietje
watje
zwak
slappeling
doetje
blando
zacht
soft
slap
teder
week
watje
squishy
zachtaardig
softie
papperig
lo que
degene die
die
hij die
het
wat
dat
dat hij
waarop
dan
nenaza
baby
schat
kind
liefje
lieverd
babe
pelele
watje
bubbler
sukkel
idioot
algodón
katoen
cotton
katoenweefsel
watten
wattenschijfje
de qué
blandengue

Voorbeelden van het gebruik van Watje in het Nederlands en hun vertalingen in het Spaans

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Medicine category close
  • Financial category close
  • Ecclesiastic category close
  • Ecclesiastic category close
  • Official/political category close
  • Computer category close
  • Programming category close
Wees geen watje, Lorraine.
No seas pelele, Lorraine.
Hij is een watje, oké?
Es blando,¿de acuerdo?
Als een watje gekleed en vernederd door Sorority Girls.
Como un cobarde vestido y humillado por Sorority Girls.
Ja, ik ben een watje"- dus twee kilocycles was een traag toerental.
Sí, soy gallina"-- entonces dos kilociclos era velocidad lenta.
Oke, Ik ben het watje toch?
Sí, yo soy el marica,¿verdad?
Wat ik echt haat is een watje met een pistool.
Lo que odio de verdad es un maricón con una pistola en la mano.
Je bent een zwaar watje, Daniel.
Eres un debilucho muy pesado, Daniel.
Je bent 'n watje.
Lo eres.¡Nenaza!
Bevochtig een watje met Sensibio H2O.
Humedezca un algodón con Sensibio H2O.
Dat watje bleef mijn spullen pakken!
El pelele se la pasaba tomando mis cosas!
Je bent echt een watje geworden sinds ik weg was.
Sabes, te has vuelto muy blando desde que me fui.
Volgens mij ben je een beetje een watje.
De acuerdo conmigo, tú eres algo gallina.
Howard is 'n watje.
Howard es un cobarde.
Wees geen watje.
No seas marica.
Dat watje.
Ese maricón!
Mijn vader is een watje.
Mi papá es un debilucho.
Ik ben geen watje.
¡Nenaza!-¡No soy una nenaza!
Een watje gedrenkt in azijn zal de pijn onmiddellijk te controleren.
Un algodón empapado en vinagre controlará el dolor inmediatamente.
Wie is er nu een watje?
¿Quién es el gallina ahora?
Wally is een watje.
Wally es un blando.
Uitslagen: 573, Tijd: 0.1117

Top woordenboek queries

Nederlands - Spaans