VENDERLO - vertaling in Nederlands

verkopen
vender
venta
comercializar
de verkoop
venta
vender
comercialización
verkocht
vender
venta
comercializar
verkoop
vender
venta
comercializar
ze hem verkochtten

Voorbeelden van het gebruik van Venderlo in het Spaans en hun vertalingen in het Nederlands

{-}
  • Colloquial category close
  • Official category close
  • Medicine category close
  • Financial category close
  • Ecclesiastic category close
  • Ecclesiastic category close
  • Official/political category close
  • Computer category close
  • Programming category close
O venderlo por un montón de dinero.
Of het verkopen voor hopen geld
¿Quieres venderlo por mucho menos de lo que vale?
Wil je het verkopen voor veel minder dan hij waard is?
Y para venderlo, tenía que camuflarlo.
En om het te verkopen, zou hij het moeten verbergen.
Siempre podrías venderlo.
Je kunt het altijd verkopen.
¿Cómo pudiste venderlo?
Hoe kon je het verkopen?
Venderlo es como si vendieras la Mona Lisa.
Het is alsof je de Mona Lisa probeert te verkopen.
Entonces deberías venderlo.
Dan moet je het verkopen.
No puedes venderlo.
Je kan het niet verkopen.
Planeo venderlo y retirarme.
Ik verkoop de winkel, en ga met pensioen.
Quizá deberías venderlo.
Misschien moet je 'm verkopen.
Tengo que venderlo, necesito el dinero.
Ik moet hem verkopen. Ik heb het geld nodig.
Creo que eso puedo venderlo.
Dat kan ik misschien verkopen.
O puede venderlo, si quiere.
Of u kunt ze verkopen als je wilt.
Deberían venderlo en las tiendas.
Het zou in de handel moeten zijn.
Podríamos venderlo aquí a $1 cada uno.
We kunnen ze hier verkopen.
¿No puedes venderlo?
Kun je ze niet verkopen?
¿Puedo venderlo sin ningún problema?
Kan ik het verkopen zonder problemen?
Si es suyo, puedo venderlo.
Wat van u is kan ik verkopen.
No estarás pensando en venderlo,¿verdad?
Je denkt er toch niet aan om hem te verkopen toch?
Tengo el derecho de poder venderlo.
Ik mag 'm verkopen.
Uitslagen: 451, Tijd: 0.0524

Top woordenboek queries

Spaans - Nederlands