Examples of using Campus in Dutch and their translations into English
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
De gebouwen op de campus zijn vrij toegankelijk.
Een zelfmoord op de campus vandaag.
JUNGLE is buiten de campus.
Campus HIG is doorlopend open tussen 8u30 en 17 uur.
Ook buiten de campus kan je deze collectie raadplegen.
Deze campus zal de elfde faculteit van de RUG worden.
Op de campus bevindt zich ook het Sportcentrum de Bongerd.
Zo'n campus met zoveel bouwstijlen als die van SISU is zeldzaam.
Jouw identiteit en connectie met de campus zie je terug op het Brightspace-platform.
Op de campus is veel groen en zijn wandelpaden aangelegd.
Tilburg Parkeren Bij de Campus van Tilburg University is voldoende parkeergelegenheid.
Campus Schaarbeek is doorlopend open tussen 8u30 en 17 uur.
Op de campus werken en studeren 2000 onderzoekers en 10 studenten.
Op de campus komt vrijwel geen gevaarlijk afval vrij.
Ik moet terug naar de campus… om mijn nieuwe adviseur te ontmoeten.
Iemand heeft een campus casino overvallen en daarbij nepwapens gebruikt.
De hele campus weet 't.
Dit campus deel is 's nachts verlaten.
Op de campus heb ik z'n nummer wel.
Ik ben van campus af en onderweg naar de Kents.