Examples of using Kleedde in Dutch and their translations into English
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Toen kleedde hij me aan.
Mama kleedde mij om te pronken.
En wie kleedde die inboorlingen?
Ik kleedde hem aan.
Kleedde haar in haar favoriete jurk.
Zielig.- Vertel me eens… Ik kleedde Vic.
Zielig.- Vertel me eens… Ik kleedde Vic.
Ik wist niet dat ik me zo slechte kleedde.
Zielig.- Vertel me eens… Ik kleedde Vic.
Je gaf ons te eten en kleedde ons.
Ik kleedde de vrouwen met hen en vroeg hen om mij te volgen.
Toen kleedde hij zich naakt uit en ging liggen.
Lily kleedde mij altijd in Jill Jennings.
Ook overdag kleedde Colette zich als vrouw en maakte ze zich op.
Toen kleedde ik hem uit en bond hem naakt aan een paard.
Hij kleedde haar met onverholen belangstelling
Ik kleedde me zoals hij wilde.
Ze kleedde mij uit.
Judah kleedde me graag aan.
Ik kleedde me vroeger ook zoals m'n oudere zus.