Examples of using Piloot in Dutch and their translations into English
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Jij bent een piloot van de optocht.
Je bent geen piloot meer. En puberaal.
Griffin, piloot.
Was hij de piloot bij die aanval?
Jij bent de piloot.
Heeft die stomme piloot m'n rantsoen weer opgegeten?
Buschauffeur, piloot, president.
Als een marine piloot, schoot hij 15 vliegtuigen neer.
Piloot, Oceana. Ziet eruit als onze man.
Wij?- Ja, jij, ik en Piloot.
Het toestel van piloot Captain James‘Jim' K.
Er was niets mis met mijn ornithopter. Kwestie van een slechte piloot.
Luitenant James en piloot Rennie leveren dekking.
Waar is de piloot die je hebt ingehuurd?
Als m'n vader piloot was geweest, had ik vast op Rabb geleken.
Phyllis Diller vertelde me dat haar verloofde een piloot was.
Rygel je haasten. Ja, Piloot.
Was jij de piloot?
Net als piloot Dunning. Je hallucineert.
Zijn ouders zijn piloot en zijn altijd weg van huis.