Examples of using Schaapherder in Dutch and their translations into English
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Ik wil schaapherder worden.
Want alle schaapherder is de Egyptenaren een gruwel.
Maar deze schaapherder- die Jezus representeert- is heel ongewoon.
En Habel werd een schaapherder, en Kaïn werd een landbouwer.
Wist je dat ik schaapherder in Montana was?
De schaapherder woont in opa's opslagruimte.
Dan nam hij de kudde van de schaapherder en dreef die verder.
Abel werd een schaapherder.
Een pistool naar de voeten van de schaapherder gooien.
En de schaapherder.
En de schaapherder zei.
Jezus vertelde een verhaal over een schaapherder met 100 schapen, die een ervan kwijtraakte.
Dit betekent dat de schaapherder met zijn kudde altijd dwars door het dorp gaat;
Piet Cornelisz Schaapherder, zoon van Cornelis Theijmenz Schaapharder
De schaapherder en de moslimman herkenden elkaar als leden van dezelfde Arabische stam.
Jannetje Cornelisz Schaapherder, dochter van Cornelis Theijmenz Schaapharder
Elke Danitische schaapherder weet waar hij te vinden is,
zoon van Tijmen Cornelissen Schaapherder en Jannetien Martens,
Elke Danitische schaapherder weet waar hij te vinden is, Maar de man is onzichtbaar.