Examples of using Strafzaak in Dutch and their translations into English
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
dit is een strafzaak.
Dit is een strafzaak.
Ik heb een strafzaak.
Weigering om een getuige op te roepen in een strafzaak.
Is dit een strafzaak?
Echt? Wil hij niet eens een strafzaak?
De burger wordt een strafzaak geopend.
En wanneer is dat? Na de strafzaak.
Gevoegde zaken C-13/91 en C-l13/91: Strafzaak tegen M. Debus.
Ik weet niet zeker of het een strafzaak is, mevrouw.
Dit is geen civiele zaak of strafzaak.
En wanneer is dat? Na de strafzaak.
Zaak C-69/91: Strafzaak tegen F. Decoster.
Dit is geen strafzaak.
Dit is een strafzaak.
Zegt dat we geen strafzaak hebben.
Dit is een strafzaak.
Vechten voor uw rechten in uw strafzaak.
Het is geen strafzaak.
Ik heb een strafzaak aangeboden gekregen.
