Examples of using Tess in Dutch and their translations into English
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Vanaf morgen Tess en Mr Clare.
Misschien Tess en haar vader.
Tess' Tourende Tietentester.
Tess heeft eindelijk het moederschap omarmt.
Tess' bleef echter goed verkopen.
Ik ga Tess en JT vragen of ze al iets hebben gevonden.
Juli 2019- de Tess satelliet ontdekte een nieuwe buitenaardse wereld.
Juli 2019- de Tess satelliet ontdekte een nieuwe buitenaardse wereld.
Tess, je gaat je garage verliezen.
Kom, Tess.- Bedankt.
Tess heeft een brief van haar advocaat gehad.
Tess als Kijker en Dolenthousiast?
En Tess?
Tess controleren, bedoel je.
Tess, wat is er?
En Tess?
Tess als Kijker en Dolenthousiast?
Herinner jij je Tess Brown, mijn vriendin van het middelbaar onderwijs?
Tess was nooit mijn vriendin.
Hallo. Tess. Wacht.