Voorbeelden van het gebruik van Afbrandt in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Ik ben twee dagen weg. Ik wil niet dat mijn zaak afbrandt.
Zo kunt beeldhouwen van de borst en op hetzelfde moment afbrandt vet.
Wie voorkomt dat Mick het schip afbrandt met de totem?
Elke dag ben ik weer bang dat je het huis afbrandt.
Tenzij de school afbrandt.
Daarna kijken we hoe hij afbrandt.
Iedereen stil. Belinda, jij komt dit huis nog niet uit als 't afbrandt.
Ik ga me even met hem bemoeien voor hij de zaal afbrandt.
Wat is het nut daarvan als het lab afbrandt?
Dat doet hij vast uit liefde, net zoals mijn vriend die me afbrandt om m'n keuzes.
ik m'n hoedniet terugkrijg, de Copa afbrandt!
Maar stel dat het dit keer wel zo is en dat het huis afbrandt.
Hij zal anders piepen als ik zijn huis afbrandt.
Ik droom soms dat ons huis afbrandt.
kijk hoe je stad afbrandt.
die u met onze ellende hebt gekocht, afbrandt.
Voordat de boot afbrandt.
Verdient geld terwijl je land afbrandt.
Ik wil zien hoe alles afbrandt.
Als er een huis afbrandt, dan moet de eigenaar er maar voor zorgen dat hij daartegen verzekerd is.