Voorbeelden van het gebruik van Autootje in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Waar is het autootje?
nu moet ik in dit autootje rijden.
We kopen mijn sportieve autootje, oké?
Pak het autootje.
Bedankt voor dat autootje.
Ik wil je mijn autootje tonen.
Je moet dertig vrienden thuisbrengen in je autootje.
Ik steek het vuurwerk aan… en er is een autootje met dwergen.
Dit autootje gaat m'n leven veranderen.
Dat autootje heeft 'm gered.
Je kunt het. Net als dat autootje.
Hij is je vader, maar voor mij is hij nog steeds die engerd… die je moeder zwanger maakte en haar autootje jatte.
kabelsloten met een diertje of een grappig autootje om het slot.
Zei m'n vader… Hij had zo'n houding van: ik ben niet boos, alleen teleurgesteld. Maar toen ik vertelde over dat autootje in m'n kont.
Dit leuke groene autootje is ideaal om mee te badderen,
8Â 400 Zwitserse franken gedoneerd 7 franken per autootje resp. vliegtuigje.
Je hebt de hele zomer gewerkt in je kleine assistent baantje… in een autootje rijden, koffie halen, dingen sorteren.
Als jullie plan is om naar de club te gaan om dat autootje te stelen, Nee, dat zou het bewijs aantasten.
Auto's moeten niet alleen veiliger zijn voor de autobestuurder.
Auto of vrachtwagen?