Voorbeelden van het gebruik van Bedriegers in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Omdat Frankrijk een land is van leugenaars en bedriegers.
Er liggen overal bedriegers, moordenaars en monsters op de loer.
In werkelijkheid zijn het allemaal oplichters en bedriegers.
Dus iemand vermoordt bedriegers.
Wij zijn niet de bedriegers.
Dit zijn bedriegers.
Omdat ik al jaren met ze te maken heb… deze bedriegers.
gekken, bedriegers en clowns.
Het zijn allemaal leugenaars en bedriegers.
Joodse bedriegers.
Een verzameling van dieven, bedriegers en weldoeners.
Ik zeg dat alle goochelaars bedriegers zijn.
Die zijn ofwel gek of het zijn bedriegers.
Deze mensen zijn bedriegers.
Een lange familielijn van mislukkelingen, bedriegers en boeven.
Wij zijn niet de bedriegers.
Dus ze waren allebei bedriegers.
Eén van de opportunisten en bedriegers.
Ik betaal geen bedriegers.
Dit zijn bedriegers.
