Voorbeelden van het gebruik van Begroeten in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
te komen begroeten.
Maar eerst moet ik die kerel daar begroeten.
Ik kom even mijn dochter begroeten.
Ga aan de kant en maak plaats zodat ik onze gast op de juiste manier kan begroeten.
Hij wil me persoonlijk begroeten op het vliegveld.
Niet alle begroeten mensen het verschijning.
De lichamen van de doden zullen Crassus en zijn leger begroeten.
Laat me eerst Serpico begroeten.
wilden het genie begroeten.
ik onze gast goed kan begroeten. Harry, eindelijk!
Ik zal het kleine merrie gaan begroeten.
En de eerste die me komt begroeten.
Kom haar even begroeten.
Wil je hem begroeten?
Ik ga je met een glimlach begroeten.
Hoe hoop je dat de Koeweiti's je zullen begroeten?
Ik wil dat jullie onze eregast begroeten.
Charlie, kom onze gasten begroeten.
Ik wil haar niet begroeten.
Wij hebben gezegd dat wij hem hier zullen begroeten.