Voorbeelden van het gebruik van Chinees in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Die dokter was Chinees.
Ik heb Chinees besteld.
Rust zacht, jij gekke Chinees.
Dat Chinees spul wil ik niet.
Een Chinees restaurant?
Er is een Chinees spreekwoord over hemel en hel.
En je zoon wordt Chinees.
Hij zei:'We bestellen Chinees.
Als je mijn etniciteit bedoelt… ik ben Chinees.
Ik wil graag sentimenteel doen, maar ik ga 'n Chinees muziekles geven.
Ze kunnen Chinees.
In het Chinees is lastig.
Oud Chinees spreekwoord.
Geen Chinees, een Koreaan.
We beginnen met een Chinees schilderij uit de derde eeuw.
Ik ben Koreaans, niet Chinees.
Maar mijn vrouw is niet Chinees.
Ik wil Chinees.
Carlotta ook. En de Chinees!
Chinees spreekwoord en een fles landwijn.