Voorbeelden van het gebruik van De afwas in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
De afwas, de meubels in de was zetten,
Heb je de afwas laten staan?
Super dat je de afwas doet Geen probleem,
Deed Franz Schubert de afwas voor zijn familie.
De afwas; een typisch camping-momentje waar niemand aan ontkomt.
Ideaal voor de kleine afwas tussendoor.
De afwas wordt gedaan
Ik doe de afwas ook.
Familie doet de afwas, zeer zeker als ik gekookt heb.
Lieve Jess, begin niet aan de afwas voor ik mijn thee op heb.
En terwijl ik de afwas deed, hebben hij en Toby wat gespeeld.
Ik veeg, dweil, doe de afwas, zet thee,
De afwas. Mooi zo.
Corry? Laat de afwas maar staan?
Ik haat de afwas. Mooi.
Ik doe de afwas straks wel.
En Ellen helpen… met de afwas. John,
Je zou de afwas doen.
De afwas kon doen", wilde ik zeggen.
Moest je de afwas niet doen?