Voorbeelden van het gebruik van De pols in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Kom op, jij hebt je vinger aan de pols.
Pijn in de pols.
Zo houden we een vinger aan de pols van het leven.
Als je iemand wilt ontwapenen, mik je op de pols.
Ik greep je bij de pols.
Het zit 'm in de pols.
Schud me dan de pols.
Resten op de pols en mond tonen aan dat er plakband is gebruikt en verwijderd.
Toen reed hij achteruit, over de pols van m'n moeder.
De pols is zwak, maar stabiel.
Vanuit de pols.
De pols is terug.
De pols in je rechterarm is goed.
Ook de pols en de hand zijn slecht bekend.
De pols had oorspronkelijk twee carpalia voor ieder middenhandsbeen.
De pols wordt in rust gemeten na een aantal minuten rusten.
Om duidelijk naar de pols te luisteren.
De pols biedt ondersteuning aan je pols. .
Uitstekende bescherming voor de pols tijdens het sporten.