Voorbeelden van het gebruik van Een ander in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Je kijkt rond en je bent een ander.
Zoek een ander.
We kopen een ander.
Het virus wordt meestal overgedragen van een ander geïnfecteerd persoon.
Een ander.
Een ander'achtervolgd' plein van Barcelona is Plaça Reial.
Ik draag de sokken van een ander.
Is het mogelijk dat dit monster een ander heeft gecreëerd?
Jack, vind het lichaam voor een ander het doet.
Wie dan? Een ander?
Ik haal een ander.
Sveta is binnenkort een Grote Ander.
Een ander wat?
Een ander zeer stijlvol winkelcentrum is BurJuman in Bur Dubai,
Je had met een ander kunnen trouwen.
Ze leeft met een ander.
Wat? Een ander.
Ze heeft al een ander.
Het was een ander.
Als je dit lichaam doodt vind ik wel een ander.