Voorbeelden van het gebruik van Er vijf in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Ik heb er vijf gevonden die in het profiel passen.
Maar we hebben er vijf bij de eetzaal.
Gemiddeld worden er vijf jongen per keer geboren.
In 1551 woonde er vijf monniken in het klooster.
Totaal liggen er vijf bruggen naast elkaar.
Omdat ik er vijf nodig heb.
We hebben er vijf uitgeschakeld.
Met mij kunnen er vijf à zes meerijden.
Maak er vijf van.
Doe er vijf bij voor je eigen buidel.
Je hebt er vijf van.
Je had er vijf, geloof ik?
Probeer er vijf minuten van te maken.
Iedere zomer komen er vijf miljoen rijke toeristen.
We gaan er vijf keer rond.
Waarom zitten er vijf sloten op deze machine?
Maak er vijf van.
Breng er vijf naar buiten.
Wil je dat ik er vijf van maak?