Voorbeelden van het gebruik van Ik win in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Zou hij me trouwen, als ik win?
Ze hebben gisteren drie clubs van Mr. Polmo gesloten. Ik win weer.
Ik win.
Ik win toch niet.
Als ik win, gaat de helft naar Laura.
Zelfs als ik win.
Als ik win, laat je ons gaan.
Ik win en verlies al jaren.
En… als ik win, wil ik betaald worden. En?
Laatje m'n vrienden vrij als ik win?
Als ik win, neem je mij uit eten.
Ik win en verlies al uren.
Wanneer ik win, kruip jij nergens meer heen.
Maar als ik win, dan aanvaard ik de beker met matig enthousiasme.
Maar als ik win, dan mag ik dat tegen iedereen vertellen.
Ik win altijd, Jane.
Wat krijg ik als ik win?
Ik win er nog een voor je.
Wil je dat ik win, geef hem z'n deal.