Voorbeelden van het gebruik van Infecteert in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Het infecteert en vernietigt de liefde.
Infecteert alles met hun stank.
Deze stad infecteert alles en iedereen.
Het infecteert en overleeft de liefde. Haat overheerst.
Het infecteert iedereen in je buurt.
Het infecteert iedereen die in de buurt komt.
Het moet behandeld, voor het infecteert.
Zodra dat spul je huis infecteert, is het voorbij.
Redboot ransomware begint infecteert zijn computer.
GDCB Ransomware ransomware begint infecteert zijn computer.
Dat nu de rest van de wereld infecteert.
Hierdoor wordt tegengegaan dat het hepatitis C-virus zich vermenigvuldigt en nieuwe cellen infecteert.
Maar het lijkt erop dat het biologische virus nu onze totale netwerk infecteert.
Het is alsof iets ze infecteert.
Het moet behandeld, voor het infecteert.
Die de vitale organen infecteert.
Het is alsof er iets hen infecteert.
Haar dood is het symptoom van een ziekte die ons allemaal infecteert.
Hé. Het moet behandeld, voor het infecteert.
Belangrijkste doel van het programma is om de webbrowsers op de computers het infecteert vallen en dan veranderen hun homepages