Voorbeelden van het gebruik van Noedel in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Je ogen sloot en die over je schouder gooide… de vorm die die aannam de eerste letter van je volgende was. Mijn moeder zei altijd dat als je een noedel nam.
Groene noedel met witte ragout van konijn
Ja. Ik wil mijn noedels en kaasflips terug. Ja?
Met de noedels, sojasaus en rickyriksja's.
De noedels waren de laatste keer een beetje lijmachtig.
De noedels zijn heet!
Maar nadat je de noedels had gegeten… lachte je.
De noedels zijn verrukkelijk.
De noedels zijn heerlijk.
De noedels zijn gaar.
De noedels worden zompig.
Nee, dit zijn de noedels die iemand gisteren niet opat.
Noedels. Vergeet de noedels.
Ik herhaal: De noedels zijn gaar.
Jullie zijn geen noedels.
Shohei, met ingang van vandaag ben jij verantwoordelijk voor de noedels.
Waarje je mond brandde aan de noedels.
Stanley hield van noedels met boter.
Kun je me die noedels brengen?
Ik heb de noedels nodig.