Voorbeelden van het gebruik van Nummerplaat in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Nummerplaat is twee-Sierra-Alfa.
Dit is zijn nummerplaat.
Ja, de nummerplaat.
De nummerplaat is wazig,
Nummerplaat TA5-4021.
Ik heb uw nummerplaat genoteerd.
En de nummerplaat klopt.
Geen nummerplaat.
Waarom heeft u mijn nummerplaat genoteerd?
We hebben je nummerplaat en je bandenafdruk op de plaats van de misdaad.
Het was jouw nummerplaat.
Maar ik heb zijn mobiel en een nummerplaat.
Embleem is nep, nummerplaat.
En het is geen nummerplaat.
Ik heb zijn nummerplaat.
Ja, de nummerplaat.
Automatische nummerplaat.
Maar ik heb wel z'n nummerplaat.
Ik heb altijd de nummerplaat.
Ze zijn een nummerplaat kwijt.