Voorbeelden van het gebruik van Schrijf het in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Schrijf het dan op!
Pak 30, en schrijf het op!
Ik schrijf het op, voor het geval u van gedachten verandert.
Schrijf het op, voor ik het vergeet.
Ja. Ja, ik schrijf het op.
Ik schrijf het voor je op.
Schrijf het maar op.
Ik schrijf het niet.
Kom. Schrijf het op.
Wolfie, schrijf het op.
Ik schrijf het wel op. Waar?
Schrijf het in je dagboek.
Schrijf het voor me op, schatje.
Ik schrijf het op, maar jij.
Schrijf het in 't boek.
Goed, schrijf het op.
Kom op, jij tekent het, ik schrijf het.
Kom. Schrijf het op!
Schrijf het voor me.
Schrijf het in het boek.