Voorbeelden van het gebruik van Tanker in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Ik ontsnap aan de Griep op de tanker Robespierre.
Vermoedelijk de door ons beschoten tanker.
Opgelet, tanker.
Ze voorkwam dat die tanker zou ontploffen.
Het achterste schip is 'n grote tanker.
Nee, ik ga met een tanker uit Baltimore weg.
Hoe kon je een tanker niet horen?
Dus de Amerikanen dachten dat ze de Panamese tanker achtervolgden?
We hebben visueel contact met de tanker.
Milieurampen, zoals het zinken van de tanker, nucleaire ongevallen.
Er zijn ook sporen van tanker brandstof en ook storm afstroming water.
De tanker ontplofte vlak voor ons.
Tanker is onderweg.
Tu-16Z- tanker versie, bleef ook bruikbaar als bommenwerper.
De tanker die je enterde in de Kaspische Zee met drie gestolen M270's?
Daar vulde hij zijn tanker met diesel.
We gaan recht op 'n tanker af.
Het is vrijwel altijd een binnenschip, een tanker.
Zit de olie in de tanker?
Bloed? Er is zo'n 42 miljoen liter olie uit de tanker gelekt?