Voorbeelden van het gebruik van Tijdbom in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Deze berg is 'n tijdbom.
Ik ben een harige tikkende tijdbom.
We zitten op een tijdbom.
Ik heb een tijdbom in mijn hoofd.
Ik heb een tijdbom in mijn hoofd.
Ik heb een tijdbom in mijn hoofd.
Daarna was het een tijdbom, die wachtte om af te gaan.
Een tijdbom. Tientallen in het ziekenhuis.
Dat type is een tijdbom met door drugs aangegeten hersenen.
Een passagier heeft een tijdbom en is suïcidaal.
Welke wanhopige sloerie wil zich binden met die tijdbom?
Max wordt een tijdbom.
Die man is een tijdbom.
Dit is een tijdbom.
Ze is een tijdbom.
Scampia net een tijdbom.
Deze berg is 'n tijdbom.
Welke wanhopige sloerie wil zich binden met die tijdbom? Barneys bruiloft?
Het is een tijdbom.
Je geeft me geen snack, maar een tijdbom.