Voorbeelden van het gebruik van Truuk in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Je kleine truukje kostte mij m'n dag.
Dat verhaal was een truukje, om jou iets voor me te laten doen.
Het moet een truukje zijn.
Alsjeblieft. Ik ken ieder truukje.
Ik ken ieder truukje. Alsjeblieft.
Ik ken ieder truukje. Alsjeblieft.
Daar is een truukje voor.
Als ik geconfronteerd werd met onomkeerbaar gevaar. Ik ontdekte een truukje wat altijd werkte.
De chef zei dat dit een truukje van de postbodes is.
Geen truukjes meer!
Twee oudere truukjes(load vector patch
Welke truuks? Waar gaan jullie naar toe?
Mijn truukje is goed.
Geen truuks meer.
Misschien gebruikt de echte God truukjes?
Jij weet alle truukjes.
Voer truuks uit met de dolfijn om zoveel mogelijk punten te scoren in 2 minuten.
Brutus zal de spelen winnen, maar dank zij zijn truukjes, zullen ze de Romeinen tot het einde van het Rijk uitlachen.
Is dit een truuk?
Waarom is dat de truuk?