Voorbeelden van het gebruik van Ze roken in het Nederlands en hun vertalingen in het Duits
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Medicine
-
Ecclesiastic
-
Financial
-
Ecclesiastic
-
Computer
-
Official/political
-
Programming
Ze roken te veel wiet.
Ze roken dat constant.
Ze roken daar alleen groenvoer.
Ze roken niet tijdens het werk.
Ze roken het gewoon.
Haal nog wat, man. Ze roken 't als gekken.
Ik weet misschien wel wat ze roken, maar.
En dat is vreemd, want ik ken maar twee mensen die ze roken.
Lk weet hooguit wat ze roken.
Wel een beetje vreemd, want ik ken maar een paar mensen die ze roken.
Ik weet hooguit wat ze roken.
Ik kan je vertellen wat ze dronken. Ik kan je vertellen hoe ze roken.
Goed ze roken dan wel,
Sommigen beweren dat ze roken om geen overgewicht te krijgen,
Gebruikers kunnen er ook voor kiezen om bekend te maken of ze roken of hebben kinderen.
Het is alsof je de mensen opium geeft, ze roken en zijn even gelukkig.
Ze roken geroosterd brood en merken het niet eens.