Voorbeelden van het gebruik van Afstappen in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
U kunt afstappen aan de Korenmarkt, dan bent u vlak in het centrum.
Beter worden afstappen huis nu.
De simpele handeling'van de fiets afstappen' is adembenemend spannend.
bushalte waar u moet afstappen noemt"Kerkstraat".
Opstappen of afstappen.
een alarm instellen wanneer je moet afstappen.
Snel, allemaal afstappen.
Handen op je hoofd. Afstappen.
Everybody's boogying, afstappen. Het is als familie.
Enkele minuten later volgt de finale: afstappen voor gevorderden.
schuin oversteken en weer afstappen.
Jongens. Okay. Afstappen.
Handen op je hoofd. Afstappen.
Iemand afstappen? Monsters University!
ik wil afstappen.
Iedereen afstappen.
Iemand afstappen? Monsters University?
Maar een van jullie moet afstappen.
Sergeant Kerrigan laat de mannen afstappen.