Voorbeelden van het gebruik van Alles repareren in het Nederlands en hun vertalingen in het Engels
{-}
-
Colloquial
-
Official
-
Ecclesiastic
-
Medicine
-
Financial
-
Computer
-
Ecclesiastic
-
Official/political
-
Programming
Jij kunt alles repareren.
Je oude vader kan alles repareren.
Jij kon toch alles repareren?
Mijn man kan alles repareren.
Robert kan alles repareren.
Hij kan alles repareren.
We moeten alles repareren.
Die kunnen alles repareren.
We kunnen niet alles repareren.
Probleemoplossers kunnen niet alles repareren, maar ze zijn een geweldige plek om te starten als u een probleem ondervindt met uw computer.
Ze kunnen werkelijk alles repareren, terwijl we in Nederland waarschijnlijk een nieuwe naaimachine hadden moeten kopen.
Ik kan alles repareren dat met een sleutel start en dit doet.
Alles gerepareerd.
Uw auto is klaar, alles gerepareerd.
Degene die alles repareert.
Ik… ik weet het niet… het probleem is dat ze alles repareerde.
Wist je dat ze alles repareerde in het huis nadat pa bij ons wegging?
Dat hij alles repareert, dat hij je gaat neuken
Ik kan alles repareren.
Ik kan vrijwel alles repareren.